Deel I – Symptomen en risicofactoren

Deel I – Symptomen en risicofactoren

Volleyballers presenteren zich over het algemeen in een vergevorderd stadium van de ziekte met invaliderende symptomen van ischemische vingers in de slaghand, zoals kou, ontkleuring, tintelingen en pijn. Deze symptomen veroorzaken een onvermogen om te volleyballen en verminderen de dagelijkse kwaliteit van leven. In een vroeg stadium van de ziekte manifesteren de symptomen zich mogelijk alleen na bovenhandse bewegingen tijdens het volleyballen, zoals smashen en serveren. Tijdens deze bewegingen brokkelen de trombo-embolieën namelijk af van de trombus in het bloedvat en wordt het ACHP aneurysma als een tube tandpasta samengeknepen, waardoor de trombo-embolieën terug in de grote slagader van de schouder (de bovenarmslagader) geduwd worden, en vervolgens met de bloedstroom meegevoerd worden tot in de kleinste slagaderen van de slaghand, waar ze vastlopen. Dit kan leiden tot de hierboven genoemde klachten zowel tijdens als direct na het volleyballen. Vergelijkbare symptomen worden vaak veroorzaakt door, en toegeschreven aan, blessures aan het bewegingsapparaat. Het kan daarom zo zijn dat de volleyballer deze symptomen in eerste instantie bagatelliseert en negeert. Omdat er een risico op necrose en amputatie bestaat, is tijdige herkenning en signalering van symptomen die passen bij trombo-embolieën van groot belang.

Hoofdstuk 2 – Symptomen en prevalentie bij indoor topvolleyballers
De doelstelling van hoofdstuk 2 was tweeledig. Het eerste doel was om te bepalen welke symptomen het best passen bij ACHP letsel met trombo-embolieën in de slaghand bij volleyballers. Hiervoor zijn de symptomen geselecteerd die werden beschreven in de case-reports van volleyballers met ischemische vingers door ACHP letsel met trombo-embolieën in de slaghand. Ook de symptomen die werden gerapporteerd in de medische dossiers van de in het AMC behandelde volleyballers zijn meegenomen. Op basis hiervan is besloten dat klachten van koude, blauwe en bleke vingers tijdens of direct na het volleyballen het best passen bij trombo-embolieën in de slaghand door ACHP letsel. Vragen over deze symptomen zijn opgenomen in een speciaal ontwikkelde vragenlijst genaamd de ‘Shoulder PCHA pathology and digital Ischemia – Questionnaire (SPI-Q)’.
De tweede doelstelling was om het vóórkomen (de prevalentie) van deze symptomen in de slaghand bij topvolleyballers in Nederland te bepalen. Negenennegentig van de 107 mannelijke volleyballers actief op het hoogste niveau in Nederland vulden tijdens een nationaal vragenlijstonderzoek in 2011 de SPI-Q in: 91 zaalvolleyballers en 8 beachvolleyballers, een deelnamepercentage van 93%. Een onverwacht hoog percentage van 31% van deze topvolleyballers rapporteerde symptomen van ischemische vingers in de slaghand. Deze klachten hangen samen met ACHP letsel met trombo-embolieën in de slaghand. Omdat deze klachten passen bij een vroeg stadium van ACHP letsel, lopen deze volleyballers mogelijk het risico op het ontwikkelen van ernstig zuurstoftekort in de vingers. Daarom is het belangrijk dat de aanwezigheid van ACHP letsel in de dominante schouder en trombo-embolieën in de slaghand verder onderzocht wordt. Ook is het voor preventie noodzakelijk om te weten wat de risicofactoren voor deze aandoening zijn.

Gerelateerde artikelen:
Van de Pol D, Kuijer PPFM, Langenhorst T, Maas M. High prevalence of self-reported symptoms of digital ischemia in elite male volleyball players in the Netherlands: a cross-sectional national survey. American Journal of Sports Medicine 2012;40:2296-2302. doi:10.1177/0363546512456973. – link
– Van de Pol D, Kuijer PPFM, Langenhorst T, Maas M. Hoge prevalentie van zelf-gerapporteerde koude en ontkleurde vingers bij mannelijke topvolleyballers in Nederland. Sport & Geneeskunde 2012. – link

Hoofdstuk 3 – Risicofactoren bij indoor topvolleyballers
In hoofdstuk 3 onderzochten we welke kenmerken van de persoon, sport en werk samenhangen met de symptomen van ischemische vingers in de slaghand. Een vragenlijstonderzoek werd uitgevoerd bij 99 mannelijke volleyballers actief op het hoogste niveau in Nederland: 91 zaalvolleyballers en 8 beachvolleyballers. Twee sport-gerelateerde risicofactoren bleken samen te hangen met de symptomen van ischemische vingers in de slaghand: een totale volleybalcarrière van 18 jaar of meer gaf een 7x zo hoog risico op deze klachten (Odds Ratio (OR) 6,70; 95% BetrouwbaarheidsInterval (BI) 1,12-29,54) en het vaak of altijd uitvoeren van krachttraining voor de slagarm gaf een 3x zo hoog risico op deze klachten (OR 2,70; 95%BI 1,05-6,92). Deze sport-gerelateerde risicofactoren bieden een kans voor preventie voor deze ogenschijnlijk onschuldige symptomen van ischemische vingers in de slaghand bij volleyballers.

Gerelateerde artikelen:
Van de Pol D, Kuijer PPFM, Langenhorst T, Maas M. Risk factors associated with self-reported symptoms of digital ischemia in elite male volleyball players in the Netherlands. Scandinavian Journal of Medicine & Science in Sports 2014;24:e230-e237. doi:10.1111/sms.12145. – link

Hoofdstuk 4 – Test hertest betrouwbaarheid van de SPI-Q vragenlijst
Voordat de SPI-Q voor preventief medisch onderzoek kan worden gebruikt bij topvolleyballers die risico lopen op ischemische vingers, dient eerst de test-hertest betrouwbaarheid te worden bepaald. In hoofdstuk 4 is deze test-hertest betrouwbaarheid onderzocht bij 65 mannelijke zaalvolleyballers actief op het hoogste niveau in Nederland. De volleyballers vulden de vragenlijst twee keer in met een tussenperiode van twee weken. Na 2 weken werd gekeken in hoeverre ze vergelijkbare antwoorden gaven op vragen over klachten van koude, bleke en blauwe vingers in de slaghand tijdens of direct na het volleyballen. De resultaten toonden aan dat de SPI-Q een betrouwbare vragenlijst is voor: 1) het detecteren van mannelijke zaalvolleyballers met symptomen van ischemische vingers in de slaghand (kappa 0,83; 95%Bl 0,69-0,97); en 2) het inschatten van de ernst van deze symptomen (Intra-class Correlatie Coëfficiënt (ICC) 0,82; 95%Bl 0,72-0,88). Deze bevindingen geven aan dat de SPI-Q gebruikt kan worden voor periodiek preventief medisch onderzoek van symptomen van ischemische vingers in de slaghand bij topvolleyballers.

Gerelateerde artikelen:
Van de Pol D, Zacharian T, Maas M, Kuijer PPFM. Test-retest reliability of the SPI-Questionnaire to detect symptoms of digital ischemia in elite volleyball players. Journal of Sports Sciences. 2017 Jun;35(12):1173-1178. – link

Hoofdstuk 5 – Symptomen en risicofactoren bij beach topvolleyballers
Omdat de sport-specifieke eisen bij beachvolleybal anders zijn dan bij zaalvolleybal, was het doel van hoofdstuk 5 om de prevalentie van symptomen van ischemische vingers in de slaghand, en mogelijke risicofactoren, te bepalen bij beachvolleyballers actief op mondiaal niveau. Tijdens het jaarlijkse internationale beachvolleybaltoernooi in Den Haag werd een vragenlijstonderzoek uitgevoerd waaraan 60 beachvolleyballers deelnamen: 26 mannen en 34 vrouwen uit 17 landen, een deelnamepercentage van 49%. De prevalentie van symptomen van ischemische vingers in de slaghand was 38%. Twee risicofactoren bleken samen te hangen met symptomen van ischemische vingers in de slaghand: een totale volleybalcarrière van 14 jaar of meer gaf een 4x zo hoog risico op deze klachten (OR 4,42; 90%BI 1,30-15,07) en vrouw zijn een 5x zo hoog risico op deze klachten (OR 4,62; 90%BI 1,15-18,57). Vergeleken met de nationaal actieve zaalvolleyballers onderzocht in hoofdstukken 2 en 3 was de prevalentie van symptomen van ischemische vingers hoger bij internationaal actieve beachvolleyballers (38% versus 31%), en was de totale duur van de volleybalcarrière een zelfde risicofactor.

Gerelateerde artikelen:
Van de Pol D, Alaeikhanehshir S, Maas M, Kuijer PPFM. Self-reported symptoms and risk factors for digital ischaemia among international world-class beach volleyball players. Journal of Sports Sciences 2015;5:1-7. doi:10.1080/02640414.2015.1093649. – link